Monthly Archives: januari 2014

Termont over GAS-boetes: “Geen goesting om sheriff te spelen”


In de discussie over Gemeentelijke Administratieve Sancties zal in Gent het parket alle zware inbreuken en inbreuken die gepleegd worden door minderjarigen verder afhandelen. Dat antwoordde de burgemeester van Gent Daniël Termont (sp.a) op een vraag van CD&V-fractieleider Veli Yüksel. De N-VA-fractie verkreeg dan weer dat de bepaling “hinderlijk spel” uit het GAS-reglement geschrapt werd.Lees hier verder.

Belangrijkste argument voor GAS-boetes is vals: politici negeren aanbod van parketten


Het belangrijkste argument om GAS-boetes in te voeren (dat de parketten overlast niet vervolgen) houdt geen steek. Alle 27 procureurs in dit land hebben zich unaniem geëngageerd om overlast maximaal aan te pakken als daarmee de invoering van GAS-boetes kon worden vermeden. Onze politici hebben dit aanbod straal genegeerd. Lees hier het volledig artikel van Jan Nolf.

Mechelaars en Antwerpenaars storen zich het hardst aan overlast én GAS-boetes


71% van de inwoners van de stad Antwerpen vindt dat er veel kleine overlast in de stad is zoals lawaai, sluikstort en klein vandalisme. Dat is een pak meer dan het gemiddelde van alle steden en gemeenten in de provincie dat op 42% ligt. Desondanks vindt 32% van de Antwerpenaren dat er in de stad te snel GAS-boetes worden gegeven. Het provinciaal gemiddelde is daar amper 10%. Lees hier het volledig artikel. 

Vlaming begrijpt GAS boetes niet


Weet u waarvoor u in uw gemeente zoal een GAS-boete kunt krijgen? Zes op de tien Vlamingen hebben daar geen idee van. Dat blijkt uit het ‘Gemeenterapport’ van Het Nieuwsblad.Lees hier verder.

STANDPUNT: Nu het GAS-kalf verdronken is – 18/01/2014


Protesten, acties, opiniestukken, kritische reportages en zelfs een klacht bij het grondwettelijk hof mochten niet baten: het kalf is verdronken. Sinds 1 januari krijgen gemeenten de vrijheid om hun gas-reglement uit te werken, binnen het kaduke kader van de wet. En nu maar hopen dat Gent zich recht houdt.

Lokale jeugdraden mogen advies geven op elke wijziging in het GAS-reglement die betrekking heeft op minderjarigen, al is dit advies niet bindend (daar kan de Vlaamse Jeugdraad van meespreken). Voor alle duidelijkheid: er is ons tot op heden nog niets gevraagd en we hebben nog geen officiële informatie gekregen. Als jeugdraad hebben we misschien een beperkte (juridische/criminologische) achtergrond om ons echt uit te kunnen spreken over hoe best overlast wordt aangepakt, dat wil niet zeggen dat we geen fundamentele bezwaren hebben over hoe de wet is opgemaakt en omschreven.

De rechtsonzekerheid, scheiding der machten, duidelijkheid naar de burger toe (elke gemeente een ander reglement), het ontbreken van een kader over wat wel en niet mag worden bestraft, de nutteloosheid van een leeftijdsverlaging, … Dat men een falen van het gerecht op die manier wil aanpakken, is pijnlijk. Toch willen we niet pleiten voor straffeloosheid en erkennen we dat bepaalde vormen van overlast moeten worden aangepakt. Het is nu onze taak om constructief mee te zoeken naar hoe men er toch nog “het beste van kan maken”, hoe lullig dat ook moge klinken.

Uiteraard hebben we vragen bij een leeftijdsverlaging. Onze eigen burgemeester schermt met het argument dat er bij alle minderjarigen een bemiddelingstraject wordt opgestart, wat onder andere ook in de wet staat. Toch wordt er steeds bij vermeld dat het aandeel minderjarigen klein is, wat de cijfers ook aantonen. Heeft het dan nut die leeftijd nog eens te verlagen? Voor die enkele uitzonderingen? Het lijkt ons sterk dat kinderen van 14-15 jaar meer gebaat zijn bij een opvolging door gas-ambtenaren dan door het systeem van jeugdrecht en jeugdhulpverlening. Misschien steken we onze energie beter in het versterken van dit systeem?

Het enige doel van een gas-reglement moet zijn om “veiligheid en orde te bewaren”, niet om (groepen) mensen te bestraffen. Wie in de fout gaat, moet zich daar ook van bewust zijn. Dat kan enerzijds niet zonder preventie en communicatie, maar anderzijds mag men ook enkel optreden tegen redelijke vormen van overlast. Toegegeven, “redelijkheid” is een vaag begrip. Maar het houdt in dat er een breed draagvlak moet bestaan over de definitie van overlast.

Een stad moet haar agenten en gas-ambtenaren opleiden om rekening te houden met de (jeugdige) context van overtreder en overtreding: “Een boete kunnen krijgen” is niet gelijk aan “een boete krijgen”. Laat bemiddeling altijd een optie zijn, niet enkel bij minderjarigen. En zorg dat er voldoende mogelijkheden zijn om verzet aan te tekenen bij een onafhankelijke instantie.

Dit allemaal in afwachting tot men federaal, al dan niet onder dwang van het grondwettelijk hof, een beter en duidelijker kader schept. Laat dat, beste meerderjarige, één van de afwegingen zijn in uw keuze voor de verkiezingen van 25 mei.

In Gent blijft het intussen relatief stil over een nieuw gas-reglement. Dat kan liggen aan het feit dat er nog geen consensus is. Misschien maar goed ook. Want hierover móet men het debat voeren; met de juiste info, een kritische ingesteldheid (ook voor zichzelf) en oprechte interesse voor wat Gentenaars, adviesorganen en experts hierover te zeggen hebben.

We kunnen enkel hopen dat men, binnen het kaduke kader van de wetgeving, er toch in slaagt Gent recht te houden. En dat het reglement enkel dient om meer dan een kwart miljoen mensen “tuupe tegoare” te laten samenleven in een kind- en jeugdvriendelijke stad en waarin een overdonderende meerderheid zich kan vinden: jong of oud, student of werkmens, gepensioneerde of werkzoekende, Gentenaar of niet. De bal ligt nu echt wel in het kamp van onze verkozenen.

Nicolas Willekens, in naam van de Gentse Jeugdraad

Komaan zeg, niet flauw doen (column)


De discussie omtrent de GAS is stilaan in een terminale fase getreden. De perceptie is gaan overheersen dat onze bestuurders er een potje van maken, voor elke habbekrats naar het GAS-wapen grijpen en dus in feite onze vrijheid metterdaad ongelimiteerd beperken. Flauwe kul zo’n karikatuur. Enkele argumenten op een rij.
Eén. De meest verspreide boete is de verkeersboete. Boete is in veel gevallen een verkeerd woord, want meestal gaat het om een zogenaamde ‘retributie’, het betalen van een verkeerstarief omwille van foutparkeren. Gek is dat we dat intussen zo gewoon zijn dat er geen haan naar kraait, we gedwee de boete betalen en daarmee is de kous af. De meesten begingen willens en wetens de overtreding en dus moeten we maar op de blaren zitten … tot de volgende boete. Anderen worden wat voorzichtiger, want het is tenslotte al de tweede keer deze maand. De verkeersboete reguleert tot op zekere hoogte ons gedrag, zorgt voor wat stadsetiquette en is eigenlijk niet (langer) gecontesteerd. Slim is trouwens dat het verkeersbeleid toelaat om lichte overtredingen licht te straffen, voor zwaardere loopt de rekening op en echt ernstige misdrijven worden
pittig gesanctioneerd.
Twee. Al sinds de Belgische onafhankelijk kunnen gemeenten verordeningen strafbaar stellen. Dat is niets nieuws, dat zit verankerd in het concept van de lokale democratie in onze grondwet. Uiteindelijk beschikken we lokaal over de beleidsmakers die we zelf verkiezen. Punt was evenwel dat de politie wel kon verbaliseren op basis van deze verordeningen, maar dat het parket deze overtredingen in het verleden massaal naast zich neerlegde. Resultaat was een non-beleid. De burgemeesters stonden erbij en keken ernaar. Met de invoering van de gemeentelijke administratieve sanctie krijgt de gemeente de mogelijkheid om te sanctioneren. Kortom:
beleid wordt mogelijk. Ook hier geldt dat de GAS mogelijk maakt om lichte overtredingen licht te beboeten, zwaardere zwaarder. Dat er stommiteiten gebeuren op lokaal niveau verdient terechte kritiek en heeft aanleiding gegeven tot het karikaturaal beeld dat is ontstaan. Maar in vele gemeenten wordt de GAS spaarzaam en proportioneel aangewend door diegenen die we zelf verkozen.
Drie. Het systeem van de GAS werd geconcipieerd door de federale regering als een kader dat gemeentelijk invulling dient te krijgen. Als men lokaal er wat mee wil kan dat, als dat niet het geval is, even goede vrienden. De federale regering is ermee aan de slag gegaan omdat sinds lange tijd erg veel middelen zijn gegaan naar het lokaal preventiebeleid. Maar dat beleid wordt moeilijk te verantwoorden in tijden van crisis als op geen enkele manier een stok achter de deur staat. De bottom-line was, ofwel het preventiebeleid continueren en de GAS dan invoeren als sluitstuk, of het preventiebeleid (waarop we in ons land terecht fier mogen zijn) naar “af” sturen. Wij weten waar we de voorkeur aan geven. Wat we in ieder geval niet willen is het handhaven van de
GAS zonder preventiebeleid, beide zijn wat ons betreft onlosmakelijk aan elkaar geketend.
Vier. De discussie over de administratieve sanctie en de scheiding der machten is een non-argument. Sinds jaar en dag maken diverse federale en gewestelijke inspectiediensten (o.m. de arbeidsinspectie, de milieu-inspectie,…) processen-verbaal op die aanleiding kunnen geven tot een administratieve geldboete. In deze context wordt zelden het argument gehanteerd dat zij optreden als rechter en partij tezelfdertijd. Natuurlijk is dat niet zo, want steeds staat de deur open voor hoger beroep, hetgeen uiteindelijk door een rechter zal beslecht worden,
zo ook wat de GAS betreft. Stel je even voor dat al deze administratieve zaken zouden moeten afgehandeld worden binnen de klassieke strafrechtsbedeling. Dat zou pas risicovol zijn, met ons volkomen verstopt justitieapparaat.
Vijf. De hele discussie over de GAS is in haar terminale fase getreden op het moment dat minderjarigen vanaf 14 jaar (kinderen dus) er het voorwerp van konden worden. Terecht vinden wij. Minderjarigen moeten opgevoed worden en niet administratief gesanctioneerd. Maar dat neemt niet weg dat de GAS betekenisvol en nuttig kan zijn voor meerderjarigen én dat de GAS-wet voorziet in een verplichte bemiddeling wanneer het gaat over minderjarigen. Over de leeftijdsgrens moet, wat ons betreft, terug eens ernstig nagedacht worden. Maar dat betekent echt niet dat het kind met het badwater moet weg gekieperd worden, toch? Zullen we even stoppen met flauw te doen en de GAS als karikatuur voor te stellen aub?

Column door: PAUL PONSAERS, Prof. dr. UGent ; ELKE DEVROE, Ass. Prof. Universiteit Leiden, auteur van A swelling culture of control. De genese en de toepassing van de wet op de administratieve sancties in België, Antwerpen/Apeldoorn: Maklu.

Gemeentelijke administratieve sancties. Een antwoord op overlast? (BOEK)


Auteur: Schram F. , Lievens J.

Er is heel wat commotie aan voorafgegaan, maar de nieuwe wet betreffende de gemeentelijke administratieve sancties is ondertussen een feit. Een boek dat de belangrijkste vragen over dit pertinente thema aanpakt, komt dan ook als geroepen voor iedere gemeente of stad die werkt aan een evenwichtig beleid tegen overlast:

  • Wat is overlast?
  • Welke vormen van overlast zijn er?
  • Hoe verhoudt het begrip ‘openbare orde’ zich tot het begrip ‘openbare overlast’?
  • Wat houdt het nieuwe wettelijke kader in?
  • Wat is er precies veranderd en hoe is de GAS-wetgeving door de jaren heen gewijzigd?
  • Zijn Gemeentelijke Administratieve Sancties hét beleidsinstrument voor de aanpak van overlast of vormt het slechts een stukje van de puzzel?
  • Welke overige instrumenten, met hun specifieke voor- en nadelen, zijn er nog?
De auteurs van deze uitgave formuleren duidelijke antwoorden door de nieuwe GAS-wetgeving te schetsen binnen het kader van de overlastproblematiek als een beleidsvraagstuk voor beleidsmakers in lokale overheden. Daarnaast hebben ze ook oog voor de uitgangspunten die de federale wetgever heeft gemaakt.
Deze analytische kijk wordt op een hoger niveau getild door een kader aan te reiken om tot een evenwichtige inzet van verschillende instrumenten te komen. Vervolgens zoomt deze publicatie specifiek in op het instrument GAS zoals het in de wet betreffende de gemeentelijke administratieve sancties van 2013 vorm heeft gekregen.
Na deze juridische analyse komt de implementatiefase aan bod. Aan de hand van schema’s en stappenplannen maakt dit boek de lezer wegwijs vanuit een ruimer perspectief.
Kortom, Het boek levert een compleet verhaal dat alle relevante info over GAS bevat: begrippen, beleidsinstrumenten, wetgeving, procedures, een concreet stappenplan.
Op die manier vormt deze uitgave een boeiende ruggensteun voor steden en gemeenten in hun beslissingsproces voor het al dan niet invoeren van GAS en het implementeren ervan. Bovendien draagt het boek ook bij tot het maatschappelijk debat dat ondanks het tot stand komen van een nieuwe wet niet beëindigd is.
Meer info hier.

Vernietigend juridisch advies op GAS-wet bleef ‘verstopt’


De hoogste magistraten maakten gehakt van de nieuwe GAS-wet. Hun adviezen bereikten echter niet tijdig het parlement, zo onthult Knack. Volgens de Liga voor Mensenrechten toont dit duidelijk aan dat grondrechten zijn opgeofferd voor een haastig politiek compromis. Lees hier verder.